Van Amsterdam naar Baume-les-Dames
En daar stond ik weer op Schiphol. Geen zonovergoten vakantieoord tegemoet zoals ik vijf dagen daarvoor op Kos had, maar een anderhalve maand durende werkperiode. Na een vliegreis (Amsterdam-Bazel), een busreisje (Basel Euroairport – Basel SNCF) en drie treinritten kwam ik aan op station Baume les Dames (gehucht in Frankrijk). Op de parkeerplaats liep een kale man met een sigaret in zijn mond met grote passen op mij af. ‘Kiershtèn?’, vroeg hij voorzichtig, terwijl de sigaret op en neer bewoog. Uit ervaring weet ik dat Fransen mijn naam (Kirsten) alleen op die manier kunnen uitspreken dus kon het niet missen dat ik mijn baas voor mij had staan die mij, zoals afgesproken, zou ophalen. Na een heftige autorit van een half uur -Fransen rijden alsof ze Schumacher heten- kwam ik aan op mijn eindbestemming: de camping/mijn werkplek. Toen ik om mij heen keek, zag ik niets anders dan omringende groene bergen die opgelicht werden door een felle zon en in de verte tussen de bomen pronkte een oud kasteel bovenop een berg. Alleen al voor dit uitzicht is het lange reizen het waard geweest!
Haute cuisine
Na een korte kennismaking met mijn Franse receptiecollega’s, reden we door naar het ‘personeelskamp’ dat in een hoekje van de camping verscholen lag. Overduidelijk trof ik daar, tussen de acht mobile homes en caravans, alle Nederlandse collega’s. Mijn horloge stond namelijk op 18.00 uur en de tafel was voorzien van borden met dikke pannenkoeken. Ik mocht gelijk aanschuiven en maakte kennis met de rest van het Franse personeel, die normaal gesproken op een later tijdstip eten maar graag wilden weten hoe stroop smaakt. Hun eigen kookkunsten waren het verre van haute cuisine. Op een camping hoeft dat ook niet, maar vier dagen lang hetzelfde voedsel uit dezelfde afwasteil eten was bij hen eerder regel dan uitzondering. (Hoezo met de Franse slag?!) Toch hebben de zij zich op een zekere avond bewezen door zich vier uur lang in de kooktent op te sluiten en ons te verrassen met een heerlijk Frans gerecht dat ‘tartiflette’ heet. Natuurlijk ontbrak hierbij de Jura-wijn niet, die we bij kaarslicht hebben gedronken aan een keurig gedekte tafel die ons het simpele campingleven even deed vergeten.
Tour de France live
Ik was precies in de drukste periode aangekomen; in de weekenden waren er 100 arrivées (aankomsten) en 80 departs (vertrekken)! De werkzaamheden als receptioniste waren vrij eenvoudig maar soms erg zwaar. Je fietst veel over de camping om vakantiehuisjes te controleren van mensen die op het punt van vertrek stonden, of je begeleidde nieuwe gasten naar hun huisje of staanplaats. Voordeel is dat de camping in het bezit is van twee elektrische fietsen aangezien het terrein aan twee kanten van de berg steil omhoog loopt. In het weekend werkte ik echter met drie andere crosscollega’s en was ik wel eens genoodzaakt om de ‘VTT’ te pakken. VTT staat voor Vélo Tout Terrain. Letterlijk vertaald betekent dit ‘fiets voor alle terreinen’, in Nederland ook wel bekend als de mountainbike. Wil je vlot de heuvels op komen, moet je in het bezit zijn van een goede lichamelijke conditie –die ik dus net niet bezat-. Kampeerders zonder tv hoefden gelukkig niet te treuren dat zij de Tour de France misten want voor het kijken naar een klimmende en zwetende fietser hoefden ze louter met een biertje voor de tent te gaan zitten en te wachten tot ik weer voorbij zou komen op mijn VTT’tje.
La réception
Wanneer je weer –alias Leontine van Moorsel- met een noodgang vanaf de berg bij de receptie bent aangerold, kun je achter de toonbank staan om de Franse collega’s te helpen met het in- en uitchecken van gasten, informatie verschaffen over bezienswaardigheden of het verkopen van kogeltjes voor de ‘Tir à la carrabine’ (schieten), postzegels, telefoonkaarten, tickets voor kanotochten, etc. Dat moest uiteraard ook in het Frans, waardoor ik petit-a-petit steeds meer leerde en bekend raakte met het campingjargon. Wellicht kwam het ook doordat mijn collega’s vanaf dag één in eigen tempo en dialect tegen mij spraken. Ik moest mij dus goed moest concentreren om alles te verstaan. Met het Duits had ik iets minder succes. Dat liet ik liever aan een andere collega over waarvan zijn Duitse vocabulaire verder ging dan Brattwurst, supah geil, Schischule en schade.
Opvallend aan de receptie was dat de computer alleen werd gebruikt voor het zien van weersvoorspellingen en internetreserveringen. Alle overzichten van bezette huisjes e.d. werden namelijk nog met de hand geschreven. Zelfs de betaling van mijn salaris was in de vorm van een uitgeschreven cheque omdat ze er geen Internetbankieren kennen. Blijkbaar is zelfs heel Frankrijk nog niet erg bekend hiermee want het gros van alle Franse klanten staan minstens een half uur cheques uit een boekje te scheuren om hun verblijf op de camping te betalen.
Zelf de toerist uithangen
Eén dag in de week was ik vrij om leuke dingen te doen. Aangezien ik wegens vervoergebrek niet verder kwam dan de camping, waren boodschappen doen hét uitje van de week. Als ik mazzel had kon ik soms bij Franse collega’s mee achterop op de motor scheuren –ze voelen zich hier dus ook Valentino Rossi- voor een bezoekje aan een andere camping. Ook heb ik twee keer mijn portemonnee geleegd in de uitverkoopwinkels (je bent Nederlander of niet) en restaurants van Besançon. Mijn laatste trip door Frankrijk was de terugreis waarbij ik een tussenstop maakte in een hotel in Zwitserland. Wat was het heerlijk dat ik geen vijf minuten hoefde te lopen naar een wc waar, even op zijn Hollands gezegd, de pisspetters op zitten zodat je uit wanhoop maar weer boven een hurkpot moet hangen én het toiletpapier op blijkt te zijn. Maar wat miste ik mijn stokbrood, croissantjes én collega’s bij het ontbijt. En wat een teleurstelling dat ik bij het landen aan de regen op mijn ramen kon zien dat ik weer op Nederlandse bodem was… Gelukkig ligt een nieuw retourtje Frankrijk alweer klaar!